Bewoners 'tiny houses' Ewijk mogen hun eigen huisje ontwerpen - RN7

Martine Melchers in 't Grootstalletje die ze runt bij landgoed Grootstal Foto: Mabel Elzinga

Martine Melchers in 't Grootstalletje die ze runt bij landgoed Grootstal Foto: Mabel Elzinga

EWIJK - In Ewijk ligt een oude boomgaard die omgebouwd gaat worden tot de groene wijk Ecowieck. Tussen de bomen in, komen de 'tiny houses' van CPO Calimero te staan. CPO staat voor Collectief Particulier Opdrachtgeverschap, dat betekent dat de bewoners hun huisjes zelf ontwerpen én bouwen. Martine Melchers en Pim Franssen zijn twee van de bewoners die in het voorjaar van 2022 hier aan de slag kunnen gaan.

“Ik ga samen met mijn dochter van 10 in een 'tiny house' wonen, omdat wij het fijn vinden om in een kleine knusse ruimte te wonen,” vertelt Melchers. Het liefste wil ze een soort van 'Hobbit-huisje': een groen huisje met organische vormen dat ook duurzaam is. Een beetje zoals de huisjes uit de 'Lord of the Rings' films dus. Echt klein zijn de 'tiny houses' van Melchers en Franssen niet te noemen: per kavel hebben ze tussen de 150 en 200 m2 en het bouwoppervlak mag zelfs 50 m2 beslaan. Daarnaast hebben ze een maximale inhoud per huisje van 150 m3 en een maximale hoogte van 5,5 meter. Dat betekent dat als ze willen er ook nog een verdieping op het huisje gezet mag worden.

De tekst gaat verder onder de video:

Wij kennen onze buren al

Melchers wil hier de slaapkamer van van haar dochter laten maken. Zij en haar dochter kijken naar het project uit. “Het bijzondere aan dit project is, dat wij nu al onze toekomstige buren kennen. We zetten alles samen op.” Het is niet meteen aan te raden om dit zelf te doen, legt Melchers uit, want “het is echt heel veel werk”. De CPO heeft daarom nu een projectleider in de hand genomen. Bouwen volgens het CPO-principe begint zijn toevlucht in Nederland te nemen. Overal wordt er gezamenlijk gebouwd, zo ook in Maldense wijkje Droogsehof bijvoorbeeld, waar nu achttien 'tiny houses' staan.

Bij een CPO verenigen de zelfbouwers zich, en zijn samen opdracht­gever voor de ontwikkeling van een project met woningen en/of werkruimtes voor de leden. Bovendien is het vaak ook de insteek van de mensen in een CPO om na de bouw ook samen te gaan wonen; bijvoorbeeld in de vorm van gedeelde ruimtes of spullen. “Wij kunnen gereedschap met elkaar delen, maar ook de wasmachines bijvoorbeeld,” legt Melchers uit. “Zo bespaar je ook weer ruimte in je tiny house”.

“Nu woon ik kleiner”

Franssen is al gewend om ruimtes en spullen met elkaar te delen. Hij woont al zo’n 15 jaar in een woonvereniging van drie huizen in het Waterkwartier. “Per huis wonen we met vijf mensen, waarbij iedereen zijn eigen kamer heeft, maar de badkamer, keuken en de grote tuin delen we.” Zijn kamer noemt hij ‘klein’, al beslaat deze bijna 25 m2. Ontspullen voordat hij zijn 'tiny house' intrekt, hoeft hij dus niet. “Eigenlijk ga ik er op vooruit,” vertelt hij. “Ik krijg feitelijk twee keer zoveel ruimte. En ik heb dan de badkamer en de keuken voor mezelf.” Op zijn huisje wil hij een werkkamer maken waar hij goed kan wegkijken en dan het liefste ook met openslaande deuren naar een dakterras.

Goedkoop is een 'tiny house' niet per se legt hij uit. “Je kunt er wel een kopen voor 25.000 euro, maar dan ben je wel een half jaar bezig om dit zelf te bouwen.” Hij heeft ervoor gekozen er een te laten bouwen. Dat kost ongeveer een ton. Ook voor de kavel en de architectkosten moest hij een zo’n 100.000 euro neertellen. Alles bij elkaar komt hij straks op zo’n 250.000 euro uit. “Daar heb ik dan wél een vrijstaand huis voor.” Ook duurzaam bouwen vindt hij net als Melchers belangrijk: "Je kunt nu gewoon niet meer met goed fatsoen een nieuw huis bouwen dat niet duurzaam is.” Heel primitief worden de huizen ook niet: ze worden wel op de riolering aangesloten, maar dat is vooral omdat de gemeente dit verplicht.

Nog kavels over

De bewoners van de 'tiny houses' zijn de komende weken bezig met de ontwerpen van hun huis. Iedereen mag zelf (binnen bepaalde richtlijnen) bepalen hoe het huis eruit komt zien en hoe de inrichting wordt. Begin volgend jaar wordt de grond bouwrijp gemaakt en dan kan het bouwen echt beginnen. Zowel Melchers als Franssen hopen volgend jaar rond deze tijd in hun nieuwe huisje te wonen. “We hebben 24 kavels waar 25 'tiny houses' op komen staan. We zitten bijna vol maar we hebben nog 3 à 4 kavels over waar we nog mensen voor zoeken,” vertelt Melchers.

Deel dit artikel