Bevat Video: Video
Lead image 1:
Lead image TXT 1: Foto: Collectie Van 't Lindenhoutmuseum
Lead image 2:
Lead image TXT 2: De wezen kregen bij hun afscheid een uitzetkist mee Foto: Omroep Gelderland
Lead image 3:
Lead image TXT 3: Het moederhuis van de weesinrichting rond 1875-1879 Foto: Collectie Gelders Archief
Ankeiler: Wie op industrieterrein West-Kanaaldijk in de Nijmeegse wijk Neerbosch de Scherpenkampweg inslaat, komt plotseling in een groene oase, met in het midden een eenvoudig wit kerkje.

- Wie op industrieterrein West-Kanaaldijk in de Nijmeegse wijk Neerbosch de Scherpenkampweg inslaat, komt plotseling in een groene oase, met in het midden een eenvoudig wit kerkje. De kerk is in 1882 gebouwd als kapel voor de Weesinrichting Neerbosch. Tegenwoordig biedt het onderdak aan het Van 't Lindenhoutmuseum, een museum over de geschiedenis van de grootste weesinrichting van Nederland. Johannes van 't Lindenhout uit het Betuwse Herveld stichtte in 1863 een weeshuis voor weeskinderen uit heel Nederland. En zo werd hij de ‘vader’ van duizenden kinderen.

In de negentiende eeuw waren er wel burgerweeshuizen in de grote steden, maar voor (half)wezen op het platteland bestond nauwelijks zorg. De kerkelijke instellingen die zich wel iets aantrokken van deze kinderen, plaatsten ze vaak bij boeren, waar ze werden gebruikt als goedkope werkkrachten.

Johannes van ‘t Lindenhout, zoon van een protestantse timmerman uit Herveld, trok als bijbelverkoper en evangelist door de Betuwe, waar hij zag hoe weeskinderen werden uitgebuit op boerderijen.

Historicus Joost Rosendaal van de Radboud Universiteit Nijmegen verdiepte zich in de geschiedenis van Weesinrichting Neerbosch: “Van ‘t Lindenhout was een zeer gelovig man en vond: dit kan niet, dit komt niet overeen met mijn christelijke naastenliefde. Hij wilde deze verwaarloosde weeskinderen helpen en een betere toekomst bieden.”

Uit heel Nederland kwamen weeskinderen naar Nijmegen

Van ‘t Lindenhout en zijn vrouw Hendrina openden een weeshuis in een voormalige herberg aan de Lange Brouwerstraat in de binnenstad van Nijmegen en op 1 november 1863 kwamen daar de eerste kinderen aan: een meisje uit Aalten en een een jongen uit Wamel.

In het weeshuis waren zowel jongens als meisjes in de leeftijd van 0 tot 14 jaar welkom. Ze kregen er een ‘geestelijke opvoeding’ in het ‘Woord Gods’ en ze leerden rekenen, lezen en schrijven. Daarnaast werden de meisjes opgeleid tot dienstbode en de jongens leerden een ambacht.

“Het was een groot succes, er werden weeskinderen uit het hele land aangeboden", vertelt Rosendaal, "Van ‘t Lindenhout kon geen nee zeggen en al snel werd het huis aan de Lange Brouwerstraat te klein. Oud-klasgenoten van Van ‘t Lindenhout brachten uitkomst, zij hadden een boerderij met land in Neerbosch gekocht en schonken een deel van de grond voor de bouw van een nieuw weeshuis.”

Afbeelding
Foto: Collectie Van 't Lindenhoutmuseum

Een gedegen opleiding en een uitzetkist

Daar groeide de weesinrichting uit tot een compleet dorp met woonhuizen, een kerk, een eigen ziekenhuis, een begraafplaats en talloze werkplaatsen waar de weeskinderen een vak konden leren, zoals een timmerwerkplaats, een drukkerij, boekbinderij, kleermakerij, naaiatelier, bakkerij, smederij, wasserij, keuken en boerderij.

Rosendaal: “Als de kinderen volwassen waren, verlieten ze de weesinrichting met een gedegen opleiding en een uitzetkist vol kleding, gereedschap en natuurlijk een bijbel en een christelijk liedboek. De instelling hielp ze om werk te vinden en tot een jaar na hun vertrek werden ze begeleid in hun zelfstandige leven. De meeste wezen kwamen goed terecht en hielden vaak hun hele leven contact met de weesinrichting.”

Afbeelding
De wezen kregen bij hun afscheid een uitzetkist mee Foto: Omroep Gelderland

Wie zal dat betalen?

Het kinderdorp kreeg veel giften van barmhartige protestanten uit heel Nederland door slimme marketing van Van ‘t Lindenhout. Hij organiseerde bijeenkomsten voor geloofsgenoten in heel Nederland om fondsen te werven en prees Neerbosch succesvol aan als toeristische attractie. Rijke sympathisanten kregen rondleidingen op de werkvloer en dat leidde dan weer tot gulle gaven.

Maar er werd ook geld bespaard en verdiend door de wezen zelf, het dorp was namelijk helemaal zelfvoorzienend. De jongens die in opleiding waren als timmerman en metselaar bouwden nieuwe panden, de meisjes van het naaiatelier en de wasserij zorgden voor de kleding van de wezen en de leerlingen van de drukkerij en de boekbinderij produceerden tijdschriften en boeken die verkocht werden. En zo brachten de wezen zelf geld in het laatje.

Afbeelding
Het moederhuis van de weesinrichting rond 1875-1879 Foto: Collectie Gelders Archief

Eerste mediarel in Nederland

Kinderdorp Neerbosch bleef groeien en in 1893 woonden er maar liefst 1100 (half)wezen. Maar dan gaat het mis. De weesinrichting wordt beschuldigd van slechte hygiëne, kindermishandeling, seksueel misbruik en zelfverrijking door de directeur.

Rosendaal: “De kranten stonden er vol van, ze schreven sensationele berichten, er werden toneelstukken over gemaakt en spotprenten. De eerste mediarel in Nederland was een feit.” De overgrote meerderheid van de voormalige wezen doet daar trouwens niet aan mee, zij blijven pal achter ‘hun’ weesinrichting staan.

Van ’t Lindenhout laat een commissie onderzoek doen naar de beschuldigingen en het oordeel is scherp: er is inderdaad sprake geweest van kindermishandeling, (verjaard) seksueel misbruik en slechte hygiënische omstandigheden. Maar Van ’t Lindenhout zelf wordt vrijgesproken van financieel wanbeleid.

Zijn vrouw krijgt een vermaning over haar te harde optreden tegenover de weesmeisjes. “Mevrouw van ‘t Lindenhout is door dit rapport gebroken en ook haar man is aangeslagen. Ze trekken zich meer en meer terug uit de instelling en in 1903 neemt van ‘t Lindenhout afscheid op 66-jarige leeftijd. Als hij vijftien jaar later sterft, wordt hij begraven op het Weezenkerkhof Neerbosch.”

Een vader voor duizenden (half)wezen die hem beschouwden als de redder van hun leven. Tot op de dag van vandaag wordt zijn bijzondere rol in de sociale geschiedenis van Nederland verteld in het van ‘t Lindenhoutmuseum, in het witte kerkje dat door zijn eigen weeskinderen is gebouwd.

Op hun Grand Tour door het Gelderland van de negentiende eeuw komen de Ridders van Gelre vanavond op TV Gelderland langs Weesinrichting Neerbosch en reizen ze via Lent naar Kasteel Doornenburg en Fort Pannerden.

Kijk hier alvast de uitzending:

Ridders van Gelre is het geschiedenisplatform van Omroep Gelderland. We brengen het laatste nieuws over de Gelderse historie en organiseren elke zaterdagochtend een exclusieve rondleiding voor onze volgers op bijzondere locaties. En heb je het stripboek Ridders van Gelre en Ons Verloren Hertogdom al in de boekenkast? Volg ons op: Facebook, Instagram, Twitter, Televisie, Radio, YouTube en web